Mijn terugkeer naar de Nederlandse film

Nederlandse films wisten mij nooit echt te overtuigen. Het buitenland leek altijd wat meer spektakel of iets beters te hebben. Toch wil ik ‘onze’ films weer een kans gaan geven, hoewel misschien niet om de reden die de regisseurs achter het werk hadden gewild.

Hallo, ik ben Wilco en ik ben niet zo’n fan van Nederlandse films. En volgens mij velen van jullie met mij. Liever kijk ik een Hollywood blockbuster of een Franse filmhuisfilm. Iets waar ik niet dat lelijke geratel van de Nederlandse taal hoef te horen. Want eerlijk is eerlijk, dialogen klinken gewoon veel minder lekker in onze moedertaal.

En dat ligt aan onze filmopvoeding. Omdat we zo weinig films in het ABN horen, voelen we er ons minder thuis mee, waardoor we ook niet zo snel een andere aanzetten. Een vicieuze cirkel, waar we niet uit proberen te komen. Maar ook de kwaliteit van de dialogen zijn minder, doordat we in Nederland veel minder (goede) scriptschrijvers hebben.

Op het moment zit ik zelf ook te werken aan een scenario. Ik zit dan om deze reden nog te dubben in welke taal ik het wil gaan doen. Dialogen bekken in het Engels wat beter, maar daarin ben ik veel minder thuis. Ik ging laatst eens proberen een willekeurig bedachte scène te schrijven, maar taaltechnisch was het echt niet te lezen.

Terug naar de Nederlandse films. Door mijn bioscoopabonnement aan het begin van dit jaar heb ik een beetje kunnen aanschouwen wat Nederland qua films te bieden heeft. De HelleVeeg (2016), een boeiende boekverfilming; Fissa (2016), een heerlijke puberale komedie; Knielen op een Bed Violen (2016), een enorm saaie film over een waarschijnlijk nóg saaier boek en Sneekweek (2016), een horrorfilm die vastgreep aan clichés.

Best een leuke collectie van films. Alleen jammer dat het de zeven (drie en een halve ster op Letterboxd), mijn middelmaatcijfer, geen van allen wist te overstijgen. Toen mijn bioscoopabonnement ten einde liep, had ik dan ook geen plannen om zomaar terug te gaan naar de ‘Nederlandse middelmaat’, zoals ik de films hier begon te noemen.

Pas toen Nico mij afgelopen weekend aanmoedigde om Nederlandse films weer een kans te geven, durfde ik het aan om Riphagen (2016) in de bioscoop te kijken. Dit is een erg toffe film over een interessant manipulatieve man geworden, die onder andere Joden in de Tweede Wereldoorlog wist te overtuigen om anderen te verraden en hem te vertrouwen.

Helaas was deze film niet zo fantastisch als ik had gehoopt. Wel was dit er een die in de goede richting is. Zeker nu ik steeds serieuzer ben over het schrijven van mijn eigen film, is het slim om te kijken naar films uit mijn eigen land. Misschien wel vaker om te leren van hun fouten dan als inspiratie. Ach, als ik er maar wat van opsteek 🙂

De bedoeling van deze regel aan het einde van de blog was om nog aan te geven dat wanneer je ook nog een Nederlandse film wilde zien, je nog naar Utrecht kon voor het Nederlands Film Festival. Jammer genoeg is die precies vandaag voorbij. Helaassss…

Koop bij bol.com


< If I Stay (2014)Prooi (2016) >

Advertenties

11 gedachtes over “Mijn terugkeer naar de Nederlandse film

  1. Ik denk niet dat het aan jouw (of mijn) filmopvoeding ligt. Meer aan het niveau van films. Kinderfilms, zoals Kruimeltje, Abeltje en zo, daar was Nederland goed in. Maar zodra het om ‘volwassen’ films gaat, gaat op een gekke manier ook vaak de acteerprestatie van de Nederlandse acteur of actrice achteruit. En misschien is dat zelfs meer van de tegenwoordige tijd dan vroeger, want de verfilming van het boek Karakter, van Borderwijk, met o.a. Jan Decleir, Fedja van Huet en Victor Löw, vond ik een heel aardige film. Evenals de Kleine Blonde Dood, of iets recenter: Simon. Simon, met Cees Geel en Marcel Hensema vind ik nog steeds een van de beste Nederlandse films: alles klopte. Soundtrack, acteerwerk, humor. Zelfs het oer-Nederlandse gebruik om overal seks in te flikkeren was niet storend. En het verhaal was natuurlijk geweldig.

    Ik vrees dus voor de Nederlandse film. Gelukkig gaat dit in ‘onze’ series beter.

    Liked by 1 persoon

    1. Zeker waar, dat is ook sowieso de reden. Alleen wanneer er wel een goede Nederlandse film uit zou komen of een die prima is (zoals Riphagen), staat heel Nederland en voornamelijk de jongere generatie die enorm geamerikaniseerd zijn, niet meer in de rij erop te wachten. Door onze opvoeding met matige Nederlandse films durfen we (of in ieder geval durf ik) maar weinig Nederlandse films een kans te geven, en wanneer ik dat wel zou doen en hij tegenvalt, ik zou zeggem ‘I told you so’. Zelf wil ik hiervan afstappen en ga ik de Nederlandse film weer een kans geven. Komende week staan er twee films uit eigen land gepland, dus dat komt wel goed 🙂

      Like

  2. Nederlands glorie is er al jaren niet meer. Niet in de stijl zoals de films in de jaren ’70 en ’80 werden gemaakt. Laten we niet vergeten dat Nederlandse namen zoals Paul Verhoeven, Jan de Bont en Rutger Hauer niet in de States aan de bak zijn gekomen, omdat ze zo sympathiek zijn. De Nederlandse films die destijds werden gemaakt waren ook echt goed!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s